Mijn allereerste echte pepermolen

Hoe blij kun je zijn met een pepermolen. Tja wat voor pepermolen. Al jaren zegt Lo: koop toch eens een echte goeie pepermolen. Hij ziet mij dan tobben met een plastic exemplaar die ik na gebruik altijd weer snel, en respectloos verstop in mijn keukenkastje.
Vele malen heb ik staan kijken in de ‘echte’ kookwinkels, waar ze ‘hèt’ allemaal hebben. Dan ben ik altijd weer teleurgesteld en denk: ´is het nou zo moeilijk om een mooie pepermolen te ontwerpen?´ De ouderwetse zijn van natuurlijk materiaal gemaakt maar het ontwerp oubollig. De moderne, mooi qua ontwerp maar zo klein en met plastic erin verwerkt.
Daarom vertik ik het iedere keer weer om een pepermolen te kopen. Totdat ik gister in zo’n echte kookwinkel stond met een envelopje vol verjaardagsgeld en dacht, ik moet er echt aan. Na veel wikken en wegen en bergen hete peper op de toonbank (draaien, voelen, draaien) kies ik dan maar voor een ouderwetse houten, die glanzend zwart is geverfd. Wel een echte Peugeot (blijkbaar met het beste binnenwerk en 10 jaar garantie), doch nog steeds met enige reserve.
Met het twilightzone-deuntje in mijn hoofd loop ik naar de kassa. De kassavrouw slaat aan. Ik werp nog een laatste blik naar de pepermolenhoek en roep: “wacht!!!” Het personeel schiet in de lach. “Zijn dat ook pepermolens, die daar helemaal bovenin, links in de hoek? Het lijken wel kunstwerken!” Drie prachtige houten ‘d-i-n-g-e-n’, niet herkenbaar als molen, worden op de toonbank gezet. ´Wouw´ denk ik, dat zijn ze!
Heel snel kies ik de mooiste uit en ben echt heel blij dat ik al die tijd gewacht heb! Eindelijk een pepermolen die echt naar mijn zin is. Het is een Alessi, even spieken….. met één el en twee essie’s.