Cursus Tai Chi voor beginners

Oorsprong

Taijiquan (Tai Chi Chuan) komt uit China en is een genees- en een krijgskunst die bewegingen uit de krijgskunst combineert met Chi-circulatie-, ademhaling- en bewegingstechnieken, gebaseerd op de filosofie van Yin en Yang.
Taiji is opgebouwd uit een aantal houdingen die aan elkaar geregen zijn en die in één vloeiende en langzame beweging worden uitgevoerd.

Gezondheid

Het leren van Taiji omvat de samenwerking tussen geest, Chi (energie) en lichaam. De concentratie op de Chi-circulatie werd oorspronkelijk gebruikt om de innerlijke kracht van het fysieke lichaam voor een gevecht te vergroten. Diezelfde technieken bleken ook doeltreffend te zijn als oefeningen om het leven te verlengen, te genezen en te verjongen. En juist deze voor de gezondheid zo belangrijke factoren hebben geleid tot de huidige populariteit van Taiji. In het moderne hectische leven hebben velen van ons het vaak te druk om na te denken over onze gezondheid. Totdat die gezondheid een probleem wordt.

 

Preventief en als revalidatie

Met regelmatige beoefening van Taiji is het mogelijk de bloed- en energiecirculatie in het hele lichaam gelijkmatig te houden en daardoor ziektes te voorkomen. Taijiquan is dan ook bij uitstek geschikt om preventief te beoefenen. Het gaat erom dat een probleem wordt verholpen voordat een symptoom optreedt. Als een probleem al bestaat kan het door regelmatig beoefenen van Taiji worden gecorrigeerd, vóórdat het ernstige schade veroorzaakt. Taiji is daarnaast uitstekend geschikt als hersteloefening na medische ingrepen.

Sport

Taiji wordt ook als sport onderwezen. Dan ligt de nadruk op de houding. Er worden zowel nationaal als internationaal wedstrijden georganiseerd. Ieder land heeft een eigen team, zo is er ook een Nederlands team en in 2008 wordt Taiji geïntroduceerd op de Olympische Spelen. Taiji kun je beoefenen met o.a. dun zwaard, breed zwaard, dubbel zwaard, stok, speer, waaier zowel alleen als met partner.

Toepassing zelfverdediging of te wel Martial Art

Taijiquan is niet zoals velen denken alleen maar een meditatie of gracieuze dans, maar door zijn innerlijke kracht en gestroomlijnde bewegingen bij uitstek een gevechtskunst. Bij Taiji wordt geen kracht tegenover kracht gezet, maar men geeft met de kracht mee zonder het contact met de tegenstander te verliezen. Men zegt dan ook dat een kracht van 500 kilo door een van 500 gram kan worden overwonnen. Beoefenaren van uiterlijke vechtvormen verliezen gewoonlijk hun jeugdige kracht en snelheid wanneer zij ouder worden. Omdat Taiji de controle over het lichaam benadrukt en de mentale training accentueert, stelt het de beoefenaar in staat een sterk lichaam te behouden tot zelfs een leeftijd van 70 tot 80 jaar.

Uitvoering

  1. Ongewapend
    24 Beijing vorm (beginners vorm)
,  48 Yang stijl (combinatie Yang, Wu en Chen stijl)
,  42 Wedstrijd vorm (modern)
-, Chen stijl (modern)
,  108 Oude Yang stijl (traditioneel)
,  Tui Shou (pushing hands)
,  Sun stijl.
  2. Gewapend
    Taiji Zwaard (dun) 32 vorm
,  Taiji Zwaard (dun) 42 vorm (wedstrijd vorm)
, Taiji Zwaard Chen stijl (traditioneel)
, Taiji Shan (waaier).

 

Innerlijke en uiterlijke stijlen

Taiji, Bagua, en Hsing-I vertegenwoordigen de zachte ofwel de innerlijke school. De Shaolin-stijlen en o.a. het Japanse karate vallen onder de harde of uiterlijke school. Bij de harde school gaat het bij de oefeningen vooral om lichaamskracht, snelheid en reactievermogen. Daarbij hardt men handen en voeten die de slagen en stoten ontvangen en uitdelen.

De zachte school bouwt haar manier van zelfverdediging op naar een ander idee: zacht overwint hard. Water is hiervoor het beste voorbeeld. In normale omstandigheden is water zacht, meegaand en ongrijpbaar. Daarentegen kent men het ook in een woeste, vernietigende hoedanigheid. Het onderliggende principe van deze innerlijke stijlen is dat de handeling volgt op de gedachte. De geest stuurt de beweging.

De innerlijke stijlen, beter bekend onder de naam Wu Dang, kenmerken zich onder andere door de ontwikkeling en het gebruik van de innerlijke energie.

Klik hier voor lestijden, prijzen en locatie

 

Meer uitleg:

Laat alles weer stromen

Qi betekend ‘energie’ en gong betekend ‘oefening. Dus het oefenen om je energie goed te laten doorstromen. Qigong trainen we altijd samen met Taiji. Ofschoon ze beiden een andere afkomst hebben versterken ze elkaar en zijn een onafscheidelijk duo.

Qigong (Chi Kung) is een onderdeel van de traditionele Chinese gezondheidstherapie en heeft een groot effect op onze energiebalans. Het doel is om alles weer te laten stromen. Het werkt op de meridianen, acupunctuurpunten en chi-stromen.

Een van de series die wij beoefenen bestaat uit 18 oefeningen die je als serie maar ook los kunt doen.  Deze serie van Wu Dang Qigong genaamd ‘Shiba Fa’ is ontwikkeld door de in China bekende familie van grootmeersters, Fei. In het begin wordt gewerkt aan houding correctie, concentratie en ademhaling, later probeert men de Chi–stroom te visualiseren en te voelen.

Gebaseerd op het boek van de I Tjing

Deze stijl wordt beoefend terwijl men in een cirkel loopt.
Er zijn 8 basisvormen met 64 variaties. Alle vormen zijn, net als bij Taiji, rond. Men heeft relatief weinig kracht nodig om een aanval te ontwijken en tegelijkertijd zelf aan te vallen. De stijl is betrekkelijk jong.

Uitvoering: Ongewapend en gewapend (met zwaard)

Taiji Shan

Aan het hof van de Chinese keizers werd een waaier niet alleen gebruikt om koelte toe te wuiven. De waaier was een geducht wapen. De waaier was van staal en werd gebruikt om aanvallen te blokkeren. De scherpe metalen rand werd gebruikt als steekwapen.

Tegenwoordig is de waaier van stof, dus veel lichter te hanteren en wordt nu echt als sport gedaan. Taiji Shan (Taiji waaier) is zeker niet alleen geschikt voor vrouwen, het is ontwikkeld voor mannen en vrouwen als een duidelijke vechtkunst. De waaierserie is voor iedereen geschikt en kenmerkt zich door het afwisselende karakter van langzame bewegingen en het snel uitgooien van de waaier met natuurlijk ook de nadruk op ontspanning en vloeiend bewegen.

Energie opbouw vanuit het hele lichaam

Of te wel Mindboxing, betekend boksen van de geest. De beweging volgt de intentie. Hsing-I behoort tot de drie zogenaamde innerlijke stijlen. De Hsing-I bokser beweegt zich in een rechte lijn naar zijn tegenstander toe, waarbij het voorste been bijna nooit het volle gewicht draagt. De Hsing-I bokser dwingt de tegenstander naar achteren. De ruimte die daardoor ontstaat, gebruikt hij door steeds naar voren te bewegen. Dit in tegenstelling tot andere gevechtskunsten die meer rond en zijwaarts bewegen.

Wat betreft de kracht onderscheidt Hsing-I zich van andere stijlen, doordat energie zich vanuit het hele lichaam opbouwt. Vanuit de benen, dóór zijn lichaam, naar zijn vuist. Dus niet vanuit de schouder naar de vuist, zoals bij het klassieke boksen.

Hsing-I kent vele theoretische verhalen, zoals over de 5 elementen en de 12 dieren. We laten ze voor wat ze zijn, om de essentie van Hsing-I niet uit het oog te verliezen.